Zum Inhalt springen

Het Italiaanse schoolsysteem eenvoudig uitgelegd: opbouw, schoolsoorten, cijfers

8 min. leestijd1,1k weergaven
Foto: © Bastian Glumm
Delen:

Wie een Duits gezin naar Italië verhuist of er een aantal jaren woont, stuit op een schoolsysteem dat op het eerste gezicht vertrouwd aandoet, maar toch heel anders werkt. Waar in Duitsland de afzonderlijke deelstaten het onderwijs bepalen, heeft in Italië het Ministerie van Onderwijs in Rome het laatste woord. Waar Duitse scholen steeds meer inzetten op een volledige schooldag, eindigt de les in Italië op veel plaatsen rond het middaguur. En waar in Duitsland cijfers van 1 tot 6 worden gegeven, hanteert Italië een schaal van 0 tot 10. Wie het systeem beter bekijkt, ziet echter een logisch opgebouwde structuur die kinderen en ouders volop kansen biedt, zodra men de opzet eenmaal begrijpt.

Een systeem met duidelijke niveaus

De onderwijsloopbaan van Italiaanse kinderen begint vaak in de scuola dell'infanzia, de kleuterschool. Deelname is vrijwillig, maar vrijwel alle kinderen van drie tot zes jaar nemen er toch aan deel. De dagindeling lijkt op die van een Duitse Kindergarten, maar met een iets grotere nadruk op leren: taal, sociale vaardigheden en motoriek worden gericht geoefend. Voor kinderen die uit het buitenland komen, is deze fase vaak cruciaal om snel Italiaans te leren.

Met zes jaar begint de scuola primaria, die vijf jaar duurt. Die komt grotendeels overeen met de Duitse Grundschule, maar zonder de vroege verdeling naar verschillende schooltypen. Kinderen blijven doorgaans in vaste klassen; leerkrachten vervullen soms de rol van klassendocent en soms die van vakdocent. Er wordt 's ochtends les gegeven, vaak tot 13.00 uur. Klassen met een volledige schooldag en een kantine zijn er vooral in grotere steden. Opvallend voor Duitse ouders is het duidelijke ritme: vakken in de ochtend, huiswerk in de middag.

De middelbare school in Italië omvat drie jaar

Na de basisschool volgt de scuola secondaria di primo grado, de onderbouw van de middelbare school, die drie jaar duurt. In deze fase wordt het onderwijs merkbaar vakgerichter: naast Italiaans, wiskunde en geschiedenis staan natuurwetenschappen, een tweede vreemde taal en technologische basisvakken op het rooster. Aan het einde van het derde jaar leggen leerlingen een eindexamen af, dat de overgang naar de bovenbouw voorbereidt.

De scuola secondaria di secondo grado, de bovenbouw, is bepalend voor de verdere onderwijsloopbaan in Italië. Deze duurt vijf jaar en kent drie schooltypen. Het Liceo is de meest academische route en bereidt voor op de universiteit, met profielen in onder andere natuurwetenschappen, klassieke talen, kunst of pedagogiek. De istituti tecnici combineren theoretische kennis met technische of economische praktijk. De istituti professionali leiden meer op voor ambachtelijke en dienstverlenende beroepen. Alle routes sluiten af met de Maturità, een landelijk geregeld eindexamen dat vergelijkbaar is met het Duitse Abitur en toegang geeft tot het hoger onderwijs.

Leerplicht en flexibele onderwijswegen

De leerplicht in Italië duurt tot 16 jaar. Tot die leeftijd moeten kinderen en jongeren onderwijs volgen, ongeacht of ze de Italiaanse of een andere nationaliteit hebben. Daarna geldt een soort "opleidingsplicht": tot 18 jaar moet men een vervolgdiploma behalen of een beroepskwalificatie verwerven.

Een bijzonderheid: ook thuisonderwijs is mogelijk, maar aan strenge voorwaarden verbonden. Ouders moeten aantonen dat zij het vereiste leerniveau kunnen waarborgen, en kinderen leggen examens af op een erkende staatsschool.

Cijfers, rapporten en het doubleren van een leerjaar

Het Italiaanse cijfersysteem is voor veel Duitse ouders een van de grootste aanpassingen. Er wordt beoordeeld op een schaal van 0 tot 10, waarbij 6 het minimumcijfer is om te slagen. Een 7 geldt als voldoende, een 8 als goed, en een 9 of 10 is uitstekend maar bepaald niet de norm. Op de basisschool wordt deels nog met verbale beoordelingen gewerkt, maar in de onderbouw van de middelbare school zijn cijfers de standaard. Rapporten worden twee keer per jaar uitgereikt. Opvallend: niet alleen de vakprestaties tellen mee, ook het gedrag wordt apart beoordeeld.

Een ander verschil met Duitsland is het relatief vaak voorkomen van doubleren. Wanneer leerlingen in meerdere vakken onder de slaaggrens blijven, beslist de klassenraad over het doubleren. In de bovenbouw bestaat vaak een tussenstap: leerlingen met onvoldoendes moeten in de zomervakantie leerwerk inhalen en herexamens afleggen. Pas daarna staat vast of ze overgaan. In Italië wordt doubleren minder als een stigma gezien en meer als een noodzakelijke ondersteuning om leerachterstanden weg te werken. Voor Duitstalige gezinnen kan dat toch een cultuurschok zijn.

Wat school in Italië kost

Openbare scholen zijn in principe kosteloos, ook voor kinderen van gezinnen die vanuit Duitsland zijn geëmigreerd, maar ouders moeten rekening houden met aanzienlijke bijkomende kosten . Op de basisschool worden de meeste boeken verstrekt, in de onderbouw en bovenbouw van de middelbare school niet: families betalen meerdere honderden euro's per jaar aan schoolboeken en materiaal. Daarbij komen uitgaven voor sportkleding, schriften, kopieën en, indien aanwezig, de kantine.

Veel scholen innen een "vrijwillige bijdrage" die projecten en digitale voorzieningen financiert. Niemand is verplicht te betalen, maar velen doen het toch, omdat scholen anders belangrijke activiteiten niet kunnen aanbieden.

Leerlingen van een basisschool werken samen in een klaslokaal. Een typische leersituatie in het Italiaanse onderwijssysteem. (Foto: © lithiumphoto / Adobe Stock)
Leerlingen van een basisschool werken samen in een klaslokaal. Een typische leersituatie in het Italiaanse onderwijssysteem. (Foto: © lithiumphoto / Adobe Stock)

De Italiaanse schooldag: een lange middag thuis

De klassieke Italiaanse schooldag begint om 8 uur en eindigt vaak rond 13 uur. Slechts weinig scholen bieden een volledig dagprogramma aan, en ook daar zijn vrije middagen geen uitzondering. Dit ritme heeft een duidelijke invloed op het gezinsleven : kinderen eten meestal thuis, en de middagen zijn bestemd voor huiswerk, sportclubs, muziekscholen of jeugdactiviteiten via de parochie. Voor werkende ouders zonder steun van familie kan dit een uitdaging zijn. Daardoor zijn plekken met een volledig dagprogramma, waar beschikbaar, vaak erg gewild.

Internationale studies zoals PISA plaatsen Italië in het solide middenveld. In leesvaardigheid scoren Italiaanse leerlingen regelmatig iets boven het OECD-gemiddelde, in wiskunde en natuurwetenschappen iets daaronder. Net als in Duitsland zijn er grote regionale verschillen: het geïndustrialiseerde noorden behaalt betere resultaten dan het structureel zwakkere zuiden. Tegelijkertijd kampen zowel Italië als Duitsland met vergelijkbare problemen: teruglopende prestaties na de pandemie, een tekort aan onderwijspersoneel en groeiende sociale ongelijkheid.

Wat Duitse ouders moeten weten

De belangrijkste factor voor kinderen uit Duitstalige gezinnen is de taal. Wie vroeg naar de scuola dell'infanzia gaat, heeft vaak een stuk gemakkelijker start. Ook sportclubs, muziekscholen en vrijetijdsgroepen helpen bij het verwerven van de taal en bij het aansluiting vinden bij de klas. Ten tweede loont het om de schoolkeuze niet op reputatie te baseren, maar op de sterke kanten van het eigen kind. Het Liceo is veeleisend en theoriegericht; een istituto tecnico of professionale kan voor veel kinderen de beter passende en succesvollere weg zijn.

Ten derde is het goed om het cijfersysteem opnieuw te interpreteren. Een 6 betekent niet 'net gehaald', maar simpelweg 'geslaagd'. Een 7 is prima, een 8 is goed. De druk ontstaat vaak pas door verkeerde vergelijkingen met het Duitse systeem. En tot slot: communicatie is alles. Italiaanse scholen hechten veel waarde aan persoonlijke gesprekken, oudergesprekken en zelfs WhatsApp-groepen per klas. Veel informatie loopt via korte lijnen via oudervertegenwoordigers, en vragen worden in de dagelijkse praktijk vaak sneller beantwoord dan via het officiële schoolsecretariaat.

Voor inschrijving bij een Italiaanse school hebben gezinnen doorgaans enkele basisstukken nodig. Het belangrijkste is de codice fiscale, het persoonlijke Italiaanse fiscale identificatienummer, dat ook voor kinderen wordt afgegeven. Scholen en overheidsdiensten gebruiken het als eenduidig identificatienummer. Daarnaast worden meestal een identiteitsbewijs, bewijs van woonplaats en, afhankelijk van de regio, vaccinatiebewijzen gevraagd. Het is daarom verstandig om de codice fiscale tijdig aan te vragen, zodat het inschrijvingsproces vlot verloopt.

👉Ons nieuwe artikel over scholen: Schooluniformen in Italië. Lees er gerust meer over!

Delen:

Vond u dit artikel interessant?

Ontvang dan elke zondag de nieuwste artikelen over het leven in Italië rechtstreeks in uw inbox.


Dit is wellicht ook interessant