Ik liep langs de kustpromenade van Pozzuoli Het water ruiste, boten deinden op de golven en meeuwen cirkelden luidruchtig boven de haven. Niets bijzonders, een volkomen alledaags havengezicht , totdat ik stilstond voor een steen. Op het eerste gezicht: gewoon een rotsblok. Maar toen ik dichterbij kwam en het opschrift las, drong het tot me door: dit is geen gewone steen. Het is een plek waar het evangelie tastbaar wordt.
Haven, legenden en een stil getuigenis
Precies hier, zo staat in Handelingen 28,13-14 het schip aanlegde waarmee Paulus naar Rome reisde. Hier betrad hij voor het laatst de bodem van Italië voordat hij de hoofdstad bereikte, en bracht zeven dagen door met de gelovigen. Plotseling was het een vreemde gewaarwording: woorden die ik tot dan toe alleen in de Bijbel had gelezen, nu met eigen ogen in de werkelijkheid te zien. Ik stond op dezelfde plek waar ooit de apostel had gestaan.
Het was zijn laatste reis. Hij reisde in ketenen, maar met een onwankelbaar geloof. En deze steen herinnert niet alleen aan de voetstappen van Paulus, maar ook aan de grootsheid van een geschiedenis die zich midden in de alledaagse drukte van de haven ontvouwde. Destijds was Pozzuoli de op een na belangrijkste haven van het rijk: schepen uit Alexandrië brachten graan, uit Sicilië kwamen wijn en olijfolie, uit het oosten specerijen. De stad bruiste van welvaart , met villa's van de bovenklasse, theaters en thermen overal. En tegelijkertijd was er een kleine christelijke gemeenschap die de apostel opving in het zwaarste uur van zijn leven.

Een kapel ter ere van Paulus
Ooit stond hier een kapel ter ere van Paulus, maar die is allang verdwenen. De steen bleef. Pelgrims raakten hem aan wanneer zij naar Rome vertrokken, om een stukje apostolische zegen mee te nemen. Er bestaat zelfs een legende: men zou hebben geprobeerd de steen te verwijderen, maar hij zou telkens weer zijn "teruggekeerd" naar de haven, alsof hij de plek die de voetstappen van de apostel bewaart niet wilde verlaten.
Ik stak mijn hand uit en raakte hem aan. De steen was koud en ruw, maar op dat moment leek hij meer dan steen alleen. Het was alsof je de levende geschiedenis aanraakte, groots en ongrijpbaar, en toch merkwaardig nabij. En daar, midden in de moderne stad, had ik het gevoel dat de tijd wegsmolt, en dat wat voor mijn ogen lag niet de zee van vandaag was, maar diezelfde zee die de apostel Paulus op zijn laatste tocht had ontvangen.




